JOHAN

Ik liep in de stad op zaterdag 16 juli '94 toen ik op het kerkpleintje een rapgroep zag. Er waren spandoeken opgehangen over Jezus. Ik bleef even luisteren naar de rap muziek want ik vond het best wel goed. Na even hier te hebben gestaan vervolgde ik mijn weg naar de coffeeshop. Toen ik softdrugs had ingeslagen voor het weekend ging ik weer op weg naar huis. Maar eenmaal op de markt aangekomen kwam er iemand naar me toe. Dit was Aad uit Dordrecht en hij vroeg mij of ik geloofde in God.

Ik antwoordde: Nee en wilde eigenlijk mijn weg vervolgen maar om een of andere reden bleef ik staan. Hij begon te praten over zonde en een relatie hebben met God. Ik besefte dat ik een zondig mens was. Ook zag ik dat God niet aanwezig was in mijn eigen leven. Verder vroeg ik me af of er wel een weg was zoals Aad zei.

Ik geloofde dus lang niet alles wat hij zei. Want ieder geloof vertelt altijd de enige juiste te zijn. Aan het eind van het gesprek vroeg Aad of ik met hem samen wilde bidden. Ach waarom ook niet antwoordde ik hem. Na het bidden dacht ik: als dit me tot God moet brengen, het zal wel.

Heel het weekend liet het me niet meer los. Op maandagavond waren mijn ouders toevallig weg. De bel ging en daar stonden Stan en Roland. We praatte wat en zij nodigde mij uit voor de dienst. Woensdagavond ging ik naar het schooltje waar de diensten werden gehouden.

Door de zijdeur ging ik naar binnen waar ik werd begroet door verschillende mensen. Het was een aparte sfeer. Jonge mensen en oude mensen in een school omgebouwd tot een kerk. De mensen waren aardig en belangstellend. Ook straalde zij een bepaalde zekerheid uit. De voordienst begon. Ik ging in de zaal zitten om alles rustig af te kijken. Het was vreemd voor mij dat mensen zingen en klappen voor God en blij waren. Het was moeilijk om niet mee te klappen maar ik deed het toch maar niet.

Ik vroeg mij alleen af wanneer de preek zou beginnen. De muziek duurde me te lang. De collecte kwam en ik dacht nu komt de preek, maar nee. Zou dit dan de dienst zijn? Eindelijk begon pastor te preken en iemand ging naast me zitten. Eigenlijk zat ik wel lekker zo alleen, waarom kwam die kerel naast me zitten? Ik hoorde de preek aan. Ik heb geen idee meer wat ik er van vond, ik liet het maar gewoon over me heenkomen. Aan het eind hield pastor een oproep waarvan ik niet precies begreep wat daar de bedoeling van was.

Al met al was het best lang geweest en toen een bakje koffie. Ik praatte nog met verschillende mensen en vond het heel gezellig. Toen ik weg ging wist ik dat deze mensen anders waren. Dat niet alleen. God had me aangeraakt. Toen ik weg ging wist ik een ding zeker. Wat ik niet wist toen ik naar binnen ging. De aanwezigheid van God was hier. God bestaat.

Johan



Deze getuigenis komt van www.dedeurdenbosch.nl

 

 

Den Bosch: Johan, R. Trippe, Suzanne en Roland
Ede: Roelof, Renske
Emmen: Irene
Hoogeveen: A. de Wit, M. de Wit

 

Zoek de HEER nu Hij zich laat vinden,
roep Hem terwijl Hij nabij is.

Laat de goddeloze zijn slechte weg verlaten,
laat de onrechtvaardige zijn snode plannen herzien.
Laat hij terugkeren naar de HEER,
die zich over hem zal ontfermen;
laat hij terugkeren naar onze God,
die hem ruimhartig zal vergeven.

Mijn plannen zijn niet jullie plannen,
en jullie wegen zijn niet Mijn wegen - spreekt de HEER.

Want zo hoog als de hemel is boven de aarde,
zo ver gaan Mijn wegen jullie wegen te boven,
en Mijn plannen jullie plannen.


Jesaja 55:6-9

 
 
 

sitemap